TM3D printgids

Hoe print je met TM3D PLA Tough?

PLA Tough combineert het gebruiksgemak en de nette afwerking van PLA met extra slagvastheid en een lagere brosheid. Hierdoor is het materiaal geschikt voor functionele onderdelen die sterker en duurzamer moeten zijn dan onderdelen van standaard PLA.

De belangrijkste PLA Tough-instellingen

Gebruik deze instellingen als startpunt. De ideale waarden kunnen per printer, hotend, nozzle en printsnelheid iets verschillen.

Nozzletemperatuur 200–230 °C
Printbed 50–60 °C
Ventilator 40–100%
Printsnelheid 40–180 mm/s

Wat is PLA Tough?

Een verbeterde PLA-variant voor functionele onderdelen die meer slagbelasting moeten kunnen verdragen.

PLA Tough is ontwikkeld om minder bros te zijn dan standaard PLA. Het materiaal behoudt het relatief eenvoudige printproces en de goede maatvastheid van PLA, maar kan beter omgaan met stoten, vallen en mechanische belasting.

Hierdoor is PLA Tough een goede keuze voor gebruikers die functionele onderdelen willen printen zonder direct over te stappen op materialen zoals PETG, ABS of ASA.

Voordelen van PLA Tough

  • Minder bros dan standaard PLA
  • Verbeterde slagvastheid
  • Goede hechting tussen de printlagen
  • Relatief eenvoudig te printen
  • Weinig kans op warping
  • Geen gesloten printkamer nodig

Geschikte toepassingen

  • Functionele prototypes
  • Houders en montagebeugels
  • Behuizingen en beschermkappen
  • Clips en klikverbindingen
  • Gereedschapshouders en organizers
  • Onderdelen die regelmatig worden vastgepakt
Niet automatisch hittebestendig PLA Tough is sterker en minder bros dan standaard PLA, maar blijft een PLA-gebaseerd materiaal. Voor onderdelen die langdurig aan hogere temperaturen worden blootgesteld, kan PETG, ABS, ASA of PC geschikter zijn.

Aanbevolen printinstellingen voor PLA Tough

Begin met onderstaande waarden en pas daarna één instelling tegelijk aan.

Instelling Aanbevolen waarde Toelichting
Nozzletemperatuur 200–230 °C Begin rond 215 °C. Verhoog de temperatuur bij hoge printsnelheden of wanneer de hechting tussen de lagen onvoldoende is.
Printbed 50–60 °C Een verwarmd printbed zorgt voor een betrouwbare eerste laag en helpt de hoeken vlak te houden.
Eerste laag 15–30 mm/s Een rustige eerste laag verbetert de hechting aan de printplaat.
Overige lagen 40–180 mm/s De maximale snelheid hangt af van de hotend, nozzle, laaghoogte en volumetrische capaciteit van de printer.
Ventilator eerste laag 0–30% Beperkte koeling tijdens de eerste laag ondersteunt een goede bedhechting.
Ventilator overige lagen 40–100% Gebruik voldoende koeling voor details en overhangs. Verminder de koeling wanneer maximale laaghechting belangrijker is.
Flow Circa 0,95–1,00 Begin met het standaardprofiel en kalibreer de flow wanneer oppervlakken te vol of juist te dun worden geprint.
Nozzle Vanaf 0,4 mm Een standaard messing nozzle van 0,4 mm is geschikt voor normaal, ongevuld PLA Tough.
Goed startpunt Stel de nozzle in op ongeveer 215 °C, het printbed op 60 °C en gebruik een lage snelheid voor de eerste laag. Gebruik bij functionele onderdelen liever iets minder koeling voor een betere laaghechting.

Wat is het verschil tussen PLA Tough en standaard PLA?

Beide materialen zijn eenvoudig te printen, maar zijn bedoeld voor verschillende toepassingen.

Eigenschap PLA Tough Standaard PLA
Slagvastheid Hoger en minder bros Lager en breekt eerder bij een harde impact
Stijfheid Sterk, maar kan iets meer meegeven Vaak zeer stijf
Printgemak Eenvoudig te printen Eenvoudig te printen
Warping Laag Laag
Geschikte toepassing Functionele en slagbestendige onderdelen Visuele modellen en algemene prints
Oppervlaktekwaliteit Strak en gelijkmatig Strak en gelijkmatig
Kies op basis van de belasting Kies standaard PLA voor visuele modellen en algemene prints. Kies PLA Tough wanneer het onderdeel vaker wordt gebruikt, kan vallen of regelmatig mechanisch wordt belast.

De printer voorbereiden

Een goede voorbereiding voorkomt het grootste deel van de printproblemen.

Maak het printbed schoon Verwijder stof, vet en oude lijmresten. Gebruik een reinigingsmethode die geschikt is voor jouw printplaat.
Controleer de nozzle Zorg dat de nozzle schoon is en dat het filament zonder weerstand wordt geëxtrudeerd.
Controleer de spoelhouder Zorg dat de spoel soepel kan draaien en het filament zonder spanning wordt aangevoerd.
Kalibreer de eerste laag Controleer de bed leveling en stel de Z-offset correct af.
Selecteer een geschikt profiel Gebruik een PLA Tough-profiel of begin met het standaard- of Generic PLA-profiel van de printer.
Controleer het filament Gebruik droog filament en controleer of er geen beschadigingen of vervormingen aanwezig zijn.

Zo krijg je een goede eerste laag

Een gelijkmatige eerste laag vormt de basis voor een sterk en maatvast onderdeel.

Een goede eerste laag herken je aan:

  • De printlijnen sluiten netjes op elkaar aan
  • Het filament hecht over het volledige oppervlak
  • De lijnen zijn licht platgedrukt
  • Er ontstaan geen open ruimtes tussen de lijnen
  • De nozzle sleept niet door het materiaal

Controleer bij slechte hechting:

  • Of het printbed schoon en vetvrij is
  • Of de Z-offset niet te hoog staat
  • Of de eerste laag langzaam genoeg wordt geprint
  • Of het printbed ongeveer 50–60 °C is
  • Of de ventilator tijdens de eerste laag laag staat
Extra hechting nodig? Gebruik bij een klein contactoppervlak of een lang en smal model een brim. Bij een correct afgestelde en schone printplaat is een hechtmiddel meestal niet nodig.

Handige slicerinstellingen

De wanddikte, infill en printoriëntatie hebben veel invloed op de sterkte van een PLA Tough-onderdeel.

Onderdeel Startwaarde Effect
Laaghoogte 0,20 mm Goede balans tussen printkwaliteit, laaghechting en printsnelheid bij een nozzle van 0,4 mm.
Wandlijnen 3–5 Meer wandlijnen maken functionele onderdelen sterker en slagvaster.
Top- en bodemlagen 4–6 Zorgt voor gesloten en stevigere boven- en onderoppervlakken.
Infill algemeen 15–30% Geschikt voor de meeste functionele onderdelen en prototypes.
Infill zwaar belast onderdeel 30–50% Gebruik meer infill wanneer het onderdeel zwaarder wordt belast.
Brim Alleen indien nodig Gebruik een brim bij kleine contactoppervlakken of lange, smalle modellen.
Ventilator 40–100% Gebruik minder koeling voor maximale laaghechting en meer koeling voor scherpe details en overhangs.
Printsnelheid 40–180 mm/s Stem de snelheid af op de maximale materiaalstroom van de hotend.
Meer wanden zijn vaak effectiever dan meer infill Bij veel functionele onderdelen zorgen extra wandlijnen voor meer effectieve sterkte dan alleen een zeer hoog infillpercentage.

Zo print je sterkere PLA Tough-onderdelen

De uiteindelijke sterkte wordt niet alleen bepaald door het materiaal, maar ook door het ontwerp en de printoriëntatie.

Aanbevolen instellingen

  • Gebruik minimaal drie wandlijnen
  • Gebruik voldoende top- en bodemlagen
  • Verlaag de ventilator voor betere laaghechting
  • Verhoog de nozzletemperatuur licht
  • Print niet sneller dan de hotend aankan
  • Gebruik droog filament

Aanbevolen ontwerpkeuzes

  • Gebruik afgeronde binnenhoeken
  • Vermijd zeer dunne verbindingen
  • Voeg ribben toe aan grote vlakke delen
  • Versterk schroefgaten en bevestigingspunten
  • Stem de printoriëntatie af op de belasting
  • Vermijd belasting recht tussen de printlagen
Let op de Z-richting Een FDM-onderdeel is vaak zwakker tussen de lagen dan binnen dezelfde laag. Plaats het model daarom zo dat de belangrijkste belasting zo min mogelijk op de laagverbindingen komt.

De nozzletemperatuur afstellen

De beste temperatuur hangt af van de printer, nozzle, printsnelheid en gewenste laaghechting.

Temperatuur mogelijk te laag

  • Slechte hechting tussen de lagen
  • Een ruwe of matte extrusie
  • De extruder tikt of slaat stappen over
  • Het onderdeel breekt tussen de lagen
  • Het materiaal stroomt onregelmatig

Temperatuur mogelijk te hoog

  • Veel stringing of dunne draden
  • Slappe overhangs en bruggen
  • Details lopen in elkaar over
  • Materiaal lekt tijdens verplaatsingen uit de nozzle
  • Het oppervlak wordt onnodig glanzend
Pas één instelling tegelijk aan Verander de nozzletemperatuur steeds in stappen van ongeveer 5 °C. Zo kun je goed beoordelen welke wijziging het printresultaat verbetert.

Veelvoorkomende PLA Tough-problemen oplossen

Klik op een probleem om de mogelijke oorzaken en oplossingen te bekijken.

De print hecht niet aan het printbed
  • Maak het printbed grondig schoon en vetvrij.
  • Controleer de bed leveling en Z-offset.
  • Verlaag de snelheid van de eerste laag.
  • Gebruik een bedtemperatuur van ongeveer 50–60 °C.
  • Verlaag de ventilator tijdens de eerste laag.
  • Gebruik bij een klein contactoppervlak een brim.
Het onderdeel breekt tussen de lagen
  • Verhoog de nozzletemperatuur met 5–10 °C.
  • Verlaag de printsnelheid.
  • Verminder de ventilatorsnelheid.
  • Gebruik meer wandlijnen.
  • Controleer of het filament droog is.
  • Pas de printoriëntatie aan de belasting aan.
Het onderdeel is brosser dan verwacht
  • Controleer of het juiste materiaalprofiel is geselecteerd.
  • Verhoog de nozzletemperatuur licht.
  • Verlaag de ventilatorsnelheid.
  • Gebruik meer wandlijnen.
  • Controleer de printoriëntatie.
  • Controleer of het filament niet langdurig vochtig is geweest.
Er ontstaan veel draden tussen onderdelen
  • Controleer eerst of het filament droog is.
  • Verlaag de nozzletemperatuur in stappen van 5 °C.
  • Kalibreer de retractioninstellingen.
  • Verhoog eventueel de travelsnelheid.
  • Beperk onnodige bewegingen over open ruimtes.
De extruder tikt of slaat stappen over
  • Controleer of de nozzle gedeeltelijk verstopt is.
  • Verhoog de nozzletemperatuur licht.
  • Verlaag de printsnelheid of materiaalstroom.
  • Controleer de spanning van het extrudertandwiel.
  • Controleer of de spoel vrij kan afrollen.
Het oppervlak is ruw of bevat kleine gaatjes
  • Controleer of het filament vocht heeft opgenomen.
  • Droog het filament indien nodig.
  • Kalibreer de flow of extrusion multiplier.
  • Verlaag de printsnelheid.
  • Controleer de nozzle op vervuiling.
Overhangs en bruggen zakken door
  • Verhoog de ventilatorsnelheid.
  • Verlaag de nozzletemperatuur licht.
  • Verlaag de snelheid van bruggen en overhangs.
  • Gebruik support bij zware overhangs.
  • Verklein eventueel de laaghoogte.
De hoeken van het model komen omhoog
  • Maak het printbed opnieuw schoon.
  • Controleer de Z-offset.
  • Gebruik bij een groot model een brim.
  • Verhoog de bedtemperatuur licht.
  • Vermijd koude luchtstromen rondom de printer.
  • Verlaag de koeling tijdens de eerste lagen.
De afmetingen van het onderdeel kloppen niet
  • Kalibreer de flow en controleer op overextrusie.
  • Controleer de maatvoering van het 3D-model.
  • Controleer de riemspanning en bewegingsassen.
  • Gebruik maatcompensatie in de slicer.
  • Print eerst een maatvast kalibratiemodel.
Clips of klikverbindingen breken
  • Gebruik afgeronde overgangen in het ontwerp.
  • Maak de buigende zone iets langer of dunner.
  • Verhoog de nozzletemperatuur voor betere laaghechting.
  • Pas de printoriëntatie aan.
  • Vermijd scherpe hoeken aan het begin van de clip.
  • Print eerst een testversie van de verbinding.

PLA Tough bewaren en drogen

Ook PLA Tough kan vocht uit de lucht opnemen. Vochtig filament kan stringing, gaatjes en een onregelmatig oppervlak veroorzaken.

PLA Tough goed bewaren

  • Bewaar de spoel in een gesloten zak of drybox
  • Voeg voldoende droogmiddel toe
  • Bewaar het filament op een droge plaats
  • Laat de spoel niet onnodig lang openstaan
  • Sluit de verpakking na gebruik direct weer af

Signalen van vochtig filament

  • Knetterende of ploppende geluiden
  • Kleine gaatjes in het printoppervlak
  • Meer stringing dan normaal
  • Een ruwe of inconsistente extrusie
  • Een onregelmatige materiaalstroom
Filament drogen Gebruik bij voorkeur een geschikte filamentdroger. Volg het actuele technische datablad en voorkom een temperatuur waarbij het filament of de spoel kan vervormen.

Materiaaleigenschappen van TM3D PLA Tough

Onderstaande gegevens geven een algemeen beeld van het materiaal.

Materiaal Slagvaste PLA-variant
Filamentdiameter Afhankelijk van de gekozen TM3D-uitvoering
Belangrijkste eigenschappen Minder bros, slagvaster en beter geschikt voor functionele onderdelen dan standaard PLA
Aanbevolen nozzletemperatuur Circa 200–230 °C
Aanbevolen printbedtemperatuur Circa 50–60 °C
Aanbevolen ventilator Circa 40–100%, afhankelijk van de gewenste laaghechting
Aanbevolen printsnelheid Circa 40–180 mm/s, afhankelijk van de printer
Gesloten printkamer Niet noodzakelijk
Geschikte nozzle Standaard messing nozzle voor normaal, ongevuld PLA Tough
Gebruik Functionele prototypes, houders, clips, behuizingen, klikverbindingen en slagbestendige onderdelen

De exacte eigenschappen en aanbevolen instellingen kunnen per kleur, productvariant, printer en testmethode verschillen. Raadpleeg voor technische toepassingen altijd het actuele technische datablad.

Veilig printen met PLA Tough

Zorg tijdens het 3D-printen altijd voor een veilige en goed ingerichte werkplek.

  • Zorg voor voldoende ventilatie in de printruimte.
  • Raak de hete nozzle en het verwarmde printbed niet aan.
  • Laat een printer niet onnodig onbeheerd werken.
  • Houd de printer uit de buurt van brandbare materialen.
  • Gebruik geprinte onderdelen niet automatisch voor voedselcontact, medische toepassingen of veiligheidskritische toepassingen.
  • Test functionele onderdelen onder de werkelijke belasting voordat je ze definitief gebruikt.
  • Raadpleeg het veiligheidsinformatieblad voor aanvullende productinformatie.

Veelgestelde vragen over PLA Tough

Kan ik PLA Tough met een standaard PLA-profiel printen?

Ja. Gebruik een Generic PLA- of standaard PLA-profiel als uitgangspunt. Stel daarna de nozzletemperatuur, flow en koeling af voor de gewenste laaghechting en sterkte.

Is PLA Tough sterker dan standaard PLA?

PLA Tough is vooral minder bros en beter bestand tegen stoten en impact. De werkelijke sterkte hangt daarnaast af van het ontwerp, de wanddikte, infill, laaghechting en printoriëntatie.

Wat is het verschil tussen PLA Tough en PETG?

PLA Tough print doorgaans vergelijkbaar met PLA en levert een strakke, maatvaste print. PETG heeft vaak een hogere temperatuurbestendigheid en is beter bestand tegen vocht, maar kan meer stringing veroorzaken.

Heb ik een gesloten printer nodig?

Nee. PLA Tough kan doorgaans goed op een open printer worden verwerkt. Vermijd wel sterke koude luchtstromen rechtstreeks over het printbed.

Kan ik snel printen met PLA Tough?

Ja, mits de hotend voldoende materiaal kan smelten. Verhoog bij hoge printsnelheden eventueel de nozzletemperatuur en controleer of de laaghechting goed blijft.

Hoe maak ik een PLA Tough-onderdeel sterker?

Gebruik meer wandlijnen, voldoende top- en bodemlagen, een geschikte printoriëntatie en iets minder koeling. Verhoog indien nodig de nozzletemperatuur voor een betere laaghechting.

Kan ik PLA Tough voor clips gebruiken?

Ja. PLA Tough is geschikt voor veel clips en klikverbindingen. Gebruik afgeronde overgangen, vermijd scherpe hoeken en print de clip in een richting waarbij de laagverbindingen niet direct worden opengetrokken.

Is PLA Tough hittebestendig?

PLA Tough blijft een PLA-gebaseerd materiaal en is daarom niet de beste keuze voor langdurige blootstelling aan hoge temperaturen. Voor warmere toepassingen kan PETG, ABS, ASA of PC geschikter zijn.

Kan PLA Tough buiten worden gebruikt?

Voor tijdelijke buitentoepassingen kan het materiaal bruikbaar zijn. Voor langdurige blootstelling aan zonlicht, warmte en weersinvloeden is ASA doorgaans een betere keuze.

Welke nozzle kan ik gebruiken?

Voor normaal, ongevuld PLA Tough is een standaard messing nozzle van 0,4 mm geschikt. Een nozzle van 0,6 mm kan worden gebruikt voor hogere materiaalstromen en sterkere, dikkere printlijnen.

Waarom ontstaat er stringing?

Stringing kan worden veroorzaakt door vocht, een te hoge nozzletemperatuur of onjuiste retraction. Controleer eerst of het filament droog is en stel daarna de temperatuur en retraction af.

Klaar om sterkere onderdelen met PLA Tough te printen?

Ontdek TM3D PLA Tough-filament voor slagvaste prototypes, functionele onderdelen, sterke clips en duurzame 3D-prints met het gebruiksgemak van PLA.

Bekijk het PLA Tough-filament

Leave a comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Please note, comments must be approved before they are published